Laatst bijgewerkt: 17 okt 2016.

Tot begin jaren negentig van de vorige eeuw gebruikte het CBS verschillende classificaties van misdrijven bij het publiceren van uitkomsten voor de Politiestatistiek en de Statistieken van strafrechtspleging en -toepassing. Doordat de gehanteerde classificaties niet goed op elkaar aansloten, was de samenhang tussen de uitkomsten van de verschillende statistieken op het terrein van criminaliteit en rechtshandhaving ook niet duidelijk aan te geven. Dit probleem heeft het CBS in 1993 opgelost met de invoering van de ‘Standaardclassificatie misdrijven’ (SCM). Hierin zijn de misdrijven grotendeels geclassificeerd conform de indeling van het Wetboek van Strafrecht en de overige strafwetten en deels op basis van een maatschappelijke indeling. In 2000 en 2005 is de SCM op details aangepast. In 2010 heeft het CBS de SCM opnieuw aangepast, maar dit keer grondiger.[1] De directe aanleiding hiervoor was dat door aanpassing van de aanlevering van brongegevens het mogelijk werd om de bestaande indeling van misdrijven aanzienlijk uit te breiden. Het CBS heeft de indeling van misdrijven daarbij nu volledig in overeenstemming gebracht met de juridische indeling van misdrijven volgens het Wetboek van Strafrecht en de overige strafwetten. De nieuwe indeling is daarmee niet langer een combinatie van een juridische en maatschappelijke indeling van delicten, die vragen kunnen oproepen over de keuzes van de indeling van sommige delicten, maar louter gebaseerd op het objectieve juridische criterium. Bovendien zijn door de nieuwe indeling de uitkomsten uit de slachtofferenquêtes en uit de Politiestatistiek onderling beter vergelijkbaar.

[1]     Voor de statistieken van de rechtbankstrafzaken is het onderscheid tussen eenvoudige diefstal, gekwalificeerde diefstal en verduistering (nog) wel te maken. Daarentegen kan openlijke geweldpleging alleen in de Politiestatistiek onderscheiden worden naar geweldpleging tegen goederen en tegen personen. Zie voor de oude standaardclassificatie misdrijven de editie Criminaliteit en rechtshandhaving 2010.

Samenwerkende partijen