Hier wordt beschreven hoe vaak burgers slachtoffer worden van diverse soorten van cybercrime. Daarnaast wordt aandacht besteed aan kenmerken van burgers die slachtoffer worden van cybercrime.

Laatst bijgewerkt: 9 mei 2017.

Cybercrime naar delictsoort

Sinds 2012 wordt in de Veiligheidsmonitor aandacht besteed aan slachtofferschap van criminaliteit die te maken heeft met internet of andere digitale informatiedragers. Het gaat daarbij om vier delictsoorten: identiteitsfraude (gebruik zonder toestemming van persoonsgegevens voor financieel gewin), koop- en verkoopfraude (het (ver)kopen van goederen of diensten zonder die te leveren of te betalen), hacken (het ongeoorloofd binnendringen op iemands computer) en pesten via het internet, ook wel cyberpesten genoemd.

In 2016 was 11% van de Nederlanders van 15 jaar en ouder slachtoffer van één of meer van deze vormen van cybercrime. Dit is vergelijkbaar met 2015 en 2014 en iets lager dan in 2013 en 2012, toen dit aandeel respectievelijk 13% en 12% bedroeg. Hacken kwam in 2016 met 5% het meest voor, op afstand gevolgd door koop- en verkoopfraude en cyberpesten (beide ruim 3%). Met identiteitsfraude via internet werd minder dan 1% van de bevolking van 15 jaar en ouder geconfronteerd.

In vergelijking met 2012 is het slachtofferschap van identiteitsfraude en hacken afgenomen, van koop- en verkoopfraude toegenomen, en van cyberpesten gelijk gebleven.

Percentage slachtoffers cybercrime onder burgers naar delictsoort
IdentiteitsfraudeCyberpestenKoop - en verkoopfraudeHackenCybercrime totaal
20160,43,23,44,910,7
20150,63,23,55,111,1
20140,83,13,55,211,2
20131,33,33,36,212,6
20121,53,12,9612,1

Voor de corresponderende cijfers zie tabel 3.7 bij Criminaliteit en slachtofferschap.

Bron: VM Brontabel als csv (215 bytes)

Cybercrime naar kenmerken van slachtoffers

Jongeren – die relatief veel actief zijn op internet – hebben vaker te maken met cybercrime dan ouderen. In 2016 was 16% van de 15- tot 25-jarigen slachtoffer van computercriminaliteit. Ook onder 25- tot 45-jarigen was dit aandeel met 13% hoger dan gemiddeld. Van de 45- tot 65-jarigen was 10% slachtoffer van cybercrime en van de 65-plussers 5%.

Van hacken en van koop- en verkoopfraude zijn 15-24-jarigen en 25-44-jarigen het meest slachtoffer. Met cyberpesten worden 15-24-jarigen duidelijk het meest geconfronteerd; van identiteitsfraude is deze jongste leeftijdsgroep daarentegen het minst slachtoffer.

Percentage slachtoffers cybercrime onder burgers naar leeftijd en delictsoort, 2016
IdentiteitsfraudeCyberpestenKoop - en verkoopfraudeHackenCybercrime totaal
65 plus0,41,10,83,65,4
45-64 jaar0,62,534,79,8
25-44 jaar0,53,44,95,813,1
15-24 jaar0,17,35,15,315,6

Voor de corresponderende cijfers zie tabel 3.13 bij Criminaliteit en slachtofferschap.

Bron: VM Brontabel als csv (208 bytes)

Bron: Criminaliteit en rechtshandhaving 2016, hoofdstuk 3 Criminaliteit en slachtofferschap (te verschijnen in oktober 2017)

Samenwerkende partijen