Geregistreerde verdachten van misdrijven

In 2016 registreerde de politie in totaal ruim 180.000 personen voor het plegen van misdrijven. Doordat sommigen verdacht werden van meer dan één delict, bedroeg het totale aantal registraties aan verdachten bijna 270.000.

Auteurs: R.J. Kessels en W.T. Vissers

Laatst bijgewerkt: 9 oktober 2017.

Een kwart van de 930.000 geregistreerde misdrijven werd in 2016 door de politie opgehelderd. Daarbij werden 180.000 unieke personen door de politie 270.000 keer geregistreerd als verdachte van een misdrijf. Het totale aantal registraties van verdachten nam in de periode 2007-2016 met 46% af: van 500.000 in 2007 naar 270.000 in 2016. Deze relatief sterke daling houdt verband met de eveneens relatief sterke afname van de geregistreerde criminaliteit. Vergeleken met 2007 registreerde de politie in 2016 56.000 verdachten van vernielingen en misdrijven tegen openbare orde en gezag minder. De afname van het aantal registraties voor vermogensmisdrijven is 53.000, voor gewelds- en seksuele misdrijven 57.000, voor verkeersmisdrijven 42.000 en voor drugs- en (vuur)wapenmisdrijven 14.000 (zie tabel 4.6 bij Misdrijven en opsporing).

Registratie van verdachten en aantal unieke verdachten, x 1.000
TotaalUnieke personen
2007497323
2008471309
2009423294
2010407275
2011398270
2012373252
2013350234
2014327219
2015*301201
2016*268182

* Voorlopige cijfers.

Voor de corresponderende cijfers zie tabel 4.5 bij Misdrijven en opsporing en Bronnen en methoden.

Bron: CBS Brontabel als csv (167 bytes)

In 2016 werd 38% van alle verdachten geregistreerd voor vermogensmisdrijven, 23% voor gewelds- en seksuele misdrijven, 12% voor vernielingen, 15% voor verkeersmisdrijven en 9% voor drugs- en (vuur)wapenmisdrijven (zie tabel 4.6 bij Misdrijven en opsporing).

Het aantal unieke personen dat de politie registreerde als verdachte van een misdrijf is in de periode 2007-2016 met bijna 44% afgenomen: van 323.000 in 2007 naar 182.000 in 2016 (zie tabel 4.5 bij Misdrijven en opsporing). Het aantal unieke verdachte vrouwen daalde sinds 2007 met 39% tot 34.000 in 2016. Deze vrouwen werden in totaal 43.000 keer geregistreerd als verdachte, gemiddeld 1,3 keer per vrouw. Mannen werden in 2016 gemiddeld 1,5 keer geregistreerd als verdachte (zie tabel 4.5 bij Misdrijven en opsporing).

Van de verdachte mannen in 2016 had bijna de helft een migratieachtergrond. In 2007 was dit nog 40%. Mannen met een Marokkaanse achtergrond vormen de grootste groep verdachten met een migratieachtergrond. Gerelateerd aan de bevolkingsomvang met de betreffende migratieachtergrond[1] blijken mannen met een Antilliaanse/Arubaanse achtergrond de grootste groep verdachten. In 2016 zijn 77 van elke 1.000 mannen met een Antilliaanse/Arubaanse achtergrond op enig moment als verdachte geregistreerd (zie tabel 4.9 bij Misdrijven en opsporing). In 2007 waren dit 123 van elke 1.000 mannen.

Na Amsterdam kenden Rotterdam en Eindhoven van de 25 grootste gemeenten in 2016 de meeste geregistreerde criminaliteit per 1.000 inwoners (zie tabel 4.4 bij Misdrijven en opsporing). Naar verhouding woonden de meeste verdachten in 2016 respectievelijk in Den Haag, Rotterdam en Amsterdam. Voor heel Nederland gaat het om 11 verdachten per 1.000 inwoners van 12 jaar en ouder. In Den Haag, Rotterdam en Amsterdam respectievelijk 21, 19 en 17 per 1.000 inwoners. Zowel het aandeel mannelijke als vrouwelijke verdachten is in Den Haag bijna twee keer zo hoog als het landelijk gemiddelde (zie tabel 4.10 bij Misdrijven en opsporing).

[1] Bij het berekenen van relatieve cijfers wordt alleen gerekend met verdachten die in 2016 ingeschreven stonden in de Basisregistratie Personen (BRP).

Bron: Criminaliteit en rechtshandhaving 2016, hoofdstuk 4 Misdrijven en opsporing

Tabellen bij Misdrijven en opsporing

Bronnen en methoden bij Misdrijven en opsporing

Standaardclassificatie Misdrijven

Samenwerkende partijen