Geregistreerde verdachten van misdrijven

In 2017 registreerde de politie in totaal 170.000 personen voor het plegen van misdrijven. Doordat sommigen verdacht werden van meer dan één delict, bedroeg het totale aantal registraties aan verdachten 245.000. Zowel het totale aantal registraties als het onderliggende aantal unieke personen nam sinds 2007 af met ongeveer de helft.

Auteurs: P.R. Smit en R.J. Kessels

Laatst bijgewerkt: 15 oktober 2018.

Ruim een kwart van de 831.000 geregistreerde misdrijven werd in 2017 door de politie opgehelderd. Daarbij werden 170.000 unieke personen door de politie 245.000 keer geregistreerd als verdachte van een misdrijf. Het totale aantal registraties van verdachten nam in de periode 2007-2017 met de helft af: van 497.000 in 2007 naar 245.000 in 2017. Deze relatief sterke daling houdt verband met de eveneens relatief sterke afname van de geregistreerde criminaliteit. Vergeleken met 2007 registreerde de politie in 2017 59.000 verdachten van vernielingen en misdrijven tegen openbare orde en gezag minder. De afname van het aantal registraties voor vermogensmisdrijven is 72.000, voor gewelds- en seksuele misdrijven 64.000, voor verkeersmisdrijven 44.000 en voor drugs- en (vuur)wapenmisdrijven 16.000 (zie tabel 4.6 bij Misdrijven en opsporing).

In 2017 werd 38% van alle verdachten geregistreerd voor vermogensmisdrijven, 22% voor gewelds- en seksuele misdrijven, 12% voor vernielingen, 16% voor verkeersmisdrijven en 7% voor drugs- en (vuur)wapenmisdrijven (zie tabel 4.6 bij Misdrijven en opsporing).

Het aantal unieke personen dat de politie registreerde als verdachte van een misdrijf is in de periode 2007-2017 met ruim 47% afgenomen: van 323.000 in 2007 naar 170.000 in 2017 (zie tabel 4.5 bij Misdrijven en opsporing). Het aandeel unieke verdachte vrouwen nam sinds 2007 iets toe van 17,3% in 2007 tot 18,2% in 2017. Deze vrouwen werden in totaal 39.000 keer geregistreerd als verdachte, gemiddeld 1,26 keer per vrouw. Mannen werden in 2017 gemiddeld 1,49 keer geregistreerd als verdachte (zie tabel 4.5 bij Misdrijven en opsporing).

Na Amsterdam kenden Rotterdam en Utrecht van de 25 grootste gemeenten in 2016 de meeste geregistreerde criminaliteit per 1.000 inwoners (zie tabel 4.4 bij Misdrijven en opsporing). Naar verhouding woonden de meeste verdachten in 2016 respectievelijk in Den Haag, Rotterdam en Arnhem. Voor heel Nederland gaat het om 9,5 verdachten per 1.000 inwoners van 12 jaar en ouder. In Den Haag, Rotterdam en Arnhem respectievelijk 18, 17 en 15 per 1.000 inwoners. Zowel het aandeel mannelijke als vrouwelijke verdachten is in Den Haag bijna twee keer zo hoog als het landelijk gemiddelde (zie tabel 4.9 bij Misdrijven en opsporing).

Bron: Criminaliteit en rechtshandhaving 2017, hoofdstuk 4 Misdrijven en opsporing

Tabellen bij Misdrijven en opsporing

Bronnen en methoden bij Misdrijven en opsporing

Standaardclassificatie Misdrijven

Samenwerkende partijen