Misdrijfzaken tegen minderjarige verdachten

In 2017 werden er ruim 13.000 misdrijfzaken ingeschreven tegen minderjarige verdachten (64% minder ten opzichte van 2007) en werden er meer dan 16.000 beslissingen genomen door het OM (58% minder dan in 2007).

Auteurs: R.J. Decae en C.P.M. Netten

Laatst bijgewerkt: 15 oktober 2018.

Ingeschreven zaken tegen minderjarigen

In 2007 werden 37.400 misdrijfzaken tegen minderjarigen ingeschreven. Daarna daalde dit aantal met 65% tot 13.200 in 2017.

Het aandeel minderjarige verdachten ten opzichte van het totaal is gedaald tussen 2007 en 2017: voor jongens van 11,4% naar 6,5% en voor meisje van 2,4% naar 1,2%. Het aandeel vrouwelijke verdachten op het totaal van de minderjarige verdachten lag in de periode 2007-2013 vrij constant rond de 17% maar daalde daarna naar 15% (zie tabel 5.1 bij Vervolging).

Bij de ingeschreven misdrijfzaken tegen minderjarigen nam het aandeel vermogensmisdrijven toe tot 37% tot 41% in 2017. Het aandeel vernielingen en misdrijven tegen de openbare orde en gezag nam af van 30% tot 20% en het aandeel gewelds- en seksuele misdrijven nam licht toe van 21% tot 23% (zie tabel 5.10 bij Vervolging).

Beslissingen door het OM tegen minderjarigen

In 2017 was het aantal beslissingen door het OM tegen minderjarigen 15.600. Dit is een afname van 58% ten opzichte van 2007 (zie tabel 5.11 bij Vervolging)

Het aantal uitgebrachte dagvaardingen tegen minderjarigen in 2017 was 6.200. Dit is 60% minder dan het aantal dagvaardingen in 2007 (zie tabel 5.12 bij Vervolging).

De strafbeschikking[1] komt bij de minderjarigen voor het eerst in 2009 voor. In 2017 legde het OM 380 strafbeschikkingen op. Vrijwel alle strafbeschikkingen bestonden uit een geldboete.[2]

Het aantal transacties7 nam in de periode 2007-2017 met 74% af: van 12.900 tot 3.300. Hierbij moet worden aangetekend dat er voor het eerst in 2017 weer een stijging te zien is in de aantallen na een lange periode van daling. De voorwaarde taakstraf komt in 2017 het meest voor (2.700 in 2017). De transactie met als aanbod het betalen van een geldsom wordt bij minderjarigen minder vaak toegepast, namelijk 220 keer in 2017 (zie tabel 5.12 bij Vervolging). In 2017 werd de transactie het vaakst aangeboden voor een vermogensmisdrijf (in ca. 39% van de gevallen) (zie tabel 5.13 bij Vervolging).

Van alle in 2017 genomen OM-beslissingen tegen minderjarigen waren er 4.000 (26%) zaken met een onvoorwaardelijk sepot. Van de onvoorwaardelijke sepots was 43% een beleidssepot, 44% een technisch sepot en 13% een administratief sepot.

Het aantal voorwaardelijke beleidssepots nam toe van 1.260 in 2007 tot 1.600 in 2011. Vanaf 2012 daalde dit aantal weer en kwam het in 2017 met een aantal van 1.200 net onder het niveau van 2007. Het aandeel voorwaardelijke beleidssepots bij minderjarigen nam sinds 2007 toe van 3,4% naar 7,7% in 2017.

[1] Het totale aantal straffen bij strafbeschikkingen kan hoger uitkomen dan het totale aantal opgelegde strafbeschikkingen, omdat de strafbeschikking kan bestaan uit een combinatie van straffen (bijvoorbeeld geldboete met een taakstraf). Alle straffen worden apart geteld.

[2] Op dit moment worden bij minderjarigen voornamelijk geldboete-strafbeschikkingen uitgevaardigd. Modaliteiten zoals een taakstraf komen bijna niet voor.

[3] Het totale aantal voorwaarden bij transacties kan hoger uitkomen dan het totale aantal transacties, omdat de transactie kan bestaan uit een combinatie van voorwaarden (bijvoorbeeld een geldsom in combinatie met een taakstraf). Alle voorwaarden worden apart geteld.

Bron: Criminaliteit en rechtshandhaving 2017, hoofdstuk 5 Vervolging

Tabellen bij Vervolging

Bronnen en methoden bij Vervolging en berechting

Standaardclassificatie Misdrijven

Samenwerkende partijen